Veel gitaristen zien op tegen het leren van barréakkoorden, maar dat gaan we in deze blog veranderen. In dit artikel bespreken we vier universele akkoordgrepen waarmee je alle majeur- en mineurakkoorden kunt vormen op de zesde en vijfde snaar van je gitaar. En dat is niet alles. We laten je zien hoe je deze kennis toepast in verschillende akkoordprogressies door naar de akkoordomgeving te kijken.

Deze blog is de gids waarmee je basis barrékoorden naar je hand  zet, met twee grote voordelen tot gevolg:. Ten eerste leer je alternatieven voor akkoorden die niet gemakkelijk open gespeeld kunnen worden. Ten tweede verbeter je zowel je techniek als stijl, omdat je akkoorden makkelijker overpakt.

Harmonisch instrument

De gitaar is een harmonisch instrument. Dat betekent dat je er akkoorden op kunt spelen, in tegenstelling tot een melodisch instrument. Daarbij heeft de gitaar nog een ander voordeel, namelijk dat je grepen gemakkelijk over het fretboard kunt verschuiven en zo veel verschillende akkoorden kunt spelen , terwijl je maar een paar universele basisgrepen hoeft te kennen.

In dit artikel bespreken we de basis mineur- en majeurgrepen die op de zesde en vijfde snaar gespeeld worden. Andere akkoordtypes – suspended of septiemen – bewaren we voor een andere keer.

Grondtoon

Om de basis majeur- en mineurgrepen te begrijpen moet je een ding goed onthouden: de naam van het akkoord wordt afgeleid van de grondtoon en in basisakkoorden is dat ook de bastoon. Omdat de zesde en de vijfde snaar van een gitaar de bassnaren zijn, gaan we dus hier onze grondtoon vinden.

De grondtoon is bij majeur- en mineurakkoorden hetzelfde. Laten we een C-barréakkoord als voorbeeld nemen. De grondtoon van de C-majeur is een C en de grondtoon voor de C-mineur is ook een C (zie Figuur 1).

De grondtoon en bastoon komen niet in alle gevallen overeen, maar die informatie bewaren we voor een andere keer en een nieuwe blog. Laten we nu eerst de basis leggen.

Universele akkoordgrepen

Wat zijn universele akkoordgrepen? Dit zijn barrévingerzettingen die gebruikt kunnen worden om een scala aan majeur- en mineurakkoorden te spelen. We pakken vier verschillende grepen die afgeleid zijn van de open akkoorden E, Em, A en Am. Deze akkoorden in combinatie met de barrétechniek maken het mogelijk om alle mogelijke majeur- en mineurakkoorden te spelen over het hele fretboard op de zesde en vijfde snaar. Wow echt?! Ja echt.

Probeer de grepen uit figuur 2 maar eens te spelen. En onthoud dat de naam van het akkoord afgeleid wordt van de naam van de grondtoon. De volgend stap is dan ook kijken welke noten je tegenkomt op de zesde en vijfde snaar. Laten we even ons geheugen opfrissen. Tellend vanaf de open snaar naar de twaalfde fret kom je de volgende noten tegen:

  • Op de zesde snaar: (o) E, (1) F, (2) F#, (3) G, (4) G#, (5) A, (6) A#, (7) B, (8) C, (9) C#, (10) D, (11) D#, dan weer (12) E.
  • Op de vijfde snaar: (o) A, (1) A#, (2) B, (3) C, (4) C#, (5) D, (6) D#, (7) E, (8) F, (9) F#, (10) G, (11) G#, dan weer (12) A.

Laten we nu bijvoorbeeld eens kijken of we een Bm-akkoord kunnen vinden. Zoals je ziet bevindt de B zich op de zesde snaar zevende fret en vijfde snaar tweede fret. Je hebt dus keuze uit twee mineurakkoordgrepen en je kunt een Bm op de tweede of de vijfde fret spelen.

Lees hier meer over majeur- en mineurbarréakkoorden met de grondtoon op de zesde en vijfde snaar:
Major chord rooted on 5th string;
Major chord rooted on 6th string;
Minor chord rooted on 5th string;
Minor chord rooted on 6th string.

De akkoordomgeving gebruiken

Laten we het over de akkoordomgeving hebben. “Wat?” Ja. Dat zijn de akkoorden die het huidige akkoord omringen. Die, met andere woorden, direct voor en na het huidige akkoord gespeeld worden. Het kennen van de akkoordomgeving levert een groot voordeel op bij het zoeken van je akkoorden en grondtonen.

Als voorbeeld kijken we naar het Bm-akkoord in het nummer Shallow van Bradley Cooper en Lady Gaga. De akkoordomgeving voor dit akkoord bestaat hieruit Em, Bm, D. We gaan ervan uit dat het Em-akkoord en het D-akkoord open gespeeld worden en we geen grote afstanden op het fretboard willen afleggen. Onze Bm moet dus zo dicht mogelijk bij de open E- en D-snaar liggen. Dan is de Bm op de vijfde snaar tweede fret de dichtstbijzijnde (en beste) optie.

Als we er daarentegen van uitgaan dat de Em en D als barréakkoorden gespeeld worden – deze bevinden zich op de zesde en zevende fret – dan treffen we de dichtstbijzijnde Bm aan op de zesde snaar zevende fret.

Nu weten we hoe we universele akkoordgrepen kunnen vinden op verschillende grondtoonposities op het fretboard. En het toepassen hiervan in verschillende akkoordomgevingen zal je akkoordentransities soepeler en sneller maken.

Check onze andere artikelen over barréakkoorden om hier meer over te leren. En vergeet niet deze technieken toe te passen de volgende keer als je akkoorden uit je gitaar aan het slaan  bent. Happy jamming!

Alle muziektheorie en transcripties door Kirill Dumchenko.

Similar Posts: